fellfolio.
Nederlands
Download in de App StoreVoor iPhone en iPad

Reptielen · REPTIELEN BEGRIJPEN

Reptielen houden: wat je vóór hun komst moet regelen

Luipaardgekko’s, baardagamen, korenslangen en Griekse landschildpadden gebruiken hun omgeving op verschillende manieren. Een luipaardgekko zoekt beschutting dicht bij de grond, een baardagaam warmt zich overdag op onder een lamp, een korenslang klimt en een landschildpad heeft veel ruimte nodig om te lopen. De soort bepaalt hoe je het verblijf inricht en verzorgt.

Een geschikt verblijf begint bij de behoeften van de soort. Warmte, verlichting, schuilplaatsen en voer moeten daarbij passen. Veel reptielen hebben ook UVB nodig. Dat is onzichtbare ultraviolette straling van het type B, een deel van het zonlicht. UVB helpt hen vitamine D3 aan te maken en calcium uit hun voer te benutten. Voordat het dier komt, moet de apparatuur betrouwbaar werken en moet je een dierenarts met ervaring met reptielen hebben gevonden.

Grote Madagaskar-daggekko tussen bladeren en bamboe in een terrarium
Eerst de soort
De benodigde ruimte, inrichting en terugkerende kosten hangen af van de soort en de grootte van een volwassen dier.
Warmte en verkoeling
Een warme en een koelere plek geven het reptiel de mogelijkheid zijn lichaamstemperatuur te regelen.
Passende verlichting
UVB, zichtbaar daglicht en bereikbare schaduw hebben elk een andere functie.
Vóór de komst
Het volledig ingerichte verblijf moet met alle apparatuur betrouwbaar functioneren voordat het dier erin komt.

Welk reptiel past bij jou thuis?

Reptielen zijn wisselwarm: ze warmen op door hun omgeving en zoeken een koelere plek op om af te koelen. Daarom hebben ze plekken met verschillende temperaturen nodig. Welke temperaturen geschikt zijn, hangt af van de soort. Een baardagaam is overdag actief en heeft een warme, goed verlichte plek nodig om zich op te warmen. Een luipaardgekko is vooral rond de schemering actief. Een korenslang heeft een verblijf nodig waaruit hij niet kan ontsnappen en waarin hij zich helemaal kan uitstrekken. Voor een Griekse landschildpad moet je zorgen voor veel loopruimte en een geschikte buitenruimte.

Voordat je kiest, is het goed te weten hoe groot het dier wordt, wanneer het actief is, wat het eet en hoe lang het kan leven. Veel van de hier genoemde soorten kun je het best afzonderlijk houden. Als een kind een reptiel wil, hoort een volwassene de verantwoordelijkheid voor het voeren, de apparatuur en de gezondheid op zich te nemen. Regel ook passende verzorging tijdens vakanties en zoek een dierenarts met ervaring met reptielen. Bij een dier van een fokker of uit een opvang moet duidelijk zijn waar het vandaan komt en hoe het eerder is gehouden.

Verdeel de warmte en controleer de temperaturen

Een temperatuurgradiënt betekent dat het verblijf warme en koelere plekken heeft. De warmtebron staat meestal aan één kant, zodat het dier zelf een geschikte plek kan kiezen. Meet de temperatuur waar het dier ligt of klimt en ook in het koelere deel. Maak daarbij onderscheid tussen de lucht en oppervlakken. Een steen onder de lamp kan veel heter zijn dan de lucht erboven. Eén thermometer midden in het verblijf laat niet zien hoe warm de plek onder de lamp of een schuilplaats wordt.

Een thermostaat regelt een warmtebron. De voeler meet de temperatuur, waarna het apparaat het verwarmingsvermogen aanpast of een daarvoor geschikte verwarming in- en uitschakelt. De thermostaat en de warmtebron moeten bij elkaar passen. Combinatielampen die zowel UVB als warmte geven, zoals kwikdamp- of metaalhalogenidelampen, mogen niet worden gedimd of door een thermostaat in- en uitgeschakeld. Met een aparte UVB-lamp en een regelbare warmtebron kun je licht en warmte gemakkelijker afzonderlijk instellen.

Extra digitale thermometers laten zien of het warme en het koele deel de gewenste temperaturen bereiken. Scherm hete lampen en verwarmde oppervlakken af, zodat het dier ze niet kan aanraken. Laat het ingerichte verblijf vóór de komst van het dier enkele dagen en nachten met alle apparatuur draaien. Meet bijvoorbeeld kort voordat de verwarming ’s ochtends aangaat en opnieuw wanneer de lampen zijn opgewarmd. Wordt de kamer warmer, bijvoorbeeld op een hete middag, meet dan opnieuw.

Wat UVB in het lichaam doet

UVB is een vorm van ultraviolette straling die wij niet kunnen zien. Veel reptielen maken daarmee in hun huid vitamine D3 aan. Deze vitamine helpt het lichaam calcium op te nemen, dat onder meer nodig is voor botten en spieren. Een lamp die fel schijnt, geeft niet automatisch UVB af. Ook zonlicht door een ruit volstaat niet, omdat glas het grootste deel van de UVB-straling tegenhoudt.

Hoeveel UV-straling het dier bereikt, hangt af van de lamp, de afstand tot het dier en eventueel gaas ertussen. Houd daarom rekening met zowel de aanwijzingen voor de soort als die voor de lamp. De warme plek onder de lamp heeft passende verlichting nodig, terwijl schaduwrijke schuilplaatsen bereikbaar moeten blijven. Een UVB-lamp kan na verloop van tijd minder UVB afgeven terwijl hij nog licht geeft. Metingen en de vervangingsrichtlijnen van de fabrikant helpen je dit te controleren. ’s Nachts moet het donker zijn. Als extra warmte nodig is, gebruik dan een warmtebron die geen licht geeft.

Schuilplaatsen, bodembedekking en dagelijkse verzorging

Zorg voor schuilplaatsen in zowel het warme als het koelere deel. Zo kan het dier beschutting zoeken bij een temperatuur die voor hem geschikt is. De ingangen moeten ruim genoeg zijn en geen scherpe randen hebben. Zet de schuilplaatsen stevig neer. Sommige soorten hebben daarnaast een vochtige schuilplaats nodig, met vochtig materiaal dat helpt bij het vervellen.

Bodembedekking is het materiaal op de bodem van het verblijf. Afhankelijk van de soort kan het houvast bieden, graven mogelijk maken of het schoonmaken vergemakkelijken. Ook de leeftijd en gezondheid van het dier bepalen welk materiaal geschikt is. Kijk dagelijks naar het dier, het water en de apparatuur en verwijder uitwerpselen en voerresten. Was je handen met zeep na contact met reptielen, hun voer of hun verblijf. Ook gezonde reptielen kunnen salmonellabacteriën bij zich dragen.

Bereid voer en drinkwater voor

De voeding verschilt sterk per soort. Luipaardgekko’s eten vooral geschikte insecten en andere kleine ongewervelde dieren. Baardagamen hebben insecten en planten nodig, korenslangen eten hele ontdooide prooidieren en Griekse landschildpadden hebben afwisselende, vezelrijke planten nodig. Ook de omstandigheden in het verblijf tellen mee. Geschikte warmte helpt bij de spijsvertering. Stem ook de UVB-verlichting en het gebruik van calcium in het voer op elkaar af.

Zoek vóór de komst van het dier uit waar je het voer koopt en hoe je het bewaart. Voerinsecten hebben zelf geschikt voer, water en huisvesting nodig. Bij calcium- of vitaminepreparaten moeten het product en de dosering passen bij de soort en de rest van het dieet. Zorg dat je dier altijd bij zijn drinkwater kan en leg de voerinstructies duidelijk vast. Dat maakt de verzorging tijdens vakanties gemakkelijker.

Let in de eerste weken goed op het dier

Geef een nieuw reptiel eerst rust om zijn verblijf te verkennen. Let erop of het eet, drinkt, uitwerpselen produceert en zowel warme als koelere plekken gebruikt. Laat problemen met vervellen, gewichtsverlies, zwellingen of duidelijke gedragsveranderingen beoordelen door een dierenarts met ervaring met reptielen. Bij ademnood of ernstige zwakte is onmiddellijk hulp van een dierenarts nodig. Wordt het dier plotseling ongewoon rustig, laat dan eerst zijn gezondheid beoordelen voordat je denkt dat het om winterrust gaat, een periode van verminderde activiteit.

Een paar overzichtelijke gegevens helpen bij een bezoek aan de dierenarts en wanneer iemand anders voor het dier zorgt: de soort en herkomst, het type lamp en wanneer die voor het laatst is vervangen, gemeten temperaturen, voerinstructies, gewichten en de contactgegevens van de dierenartspraktijk. Zo kan de verzorger snel zien welke apparatuur moet werken en welk voer het dier moet krijgen.

Veelgestelde vragen

Heeft elk reptiel een warmtelamp nodig?

Veel soorten hebben een regelbare warmtebron nodig, maar het type, de plaats en het gebruik ’s nachts verschillen. Het gaat om gemeten warme en koelere plekken, niet om één bepaald product.

Kan het verblijf bij een raam staan?

Direct zonlicht kan een gesloten verblijf ongecontroleerd opwarmen. Bovendien levert licht door glas niet de benodigde UVB-straling. Op een plek zonder direct zonlicht kun je de temperatuur beter regelen.

Bronnen en fotovermelding

Fotocredits

Foto: Phelsuma grandis in her enclosure.jpg · Marek Hlavinka · CC BY-SA 4.0. Verkleind voor gebruik op het web en omgezet naar WebP. De beeldinhoud is ongewijzigd.

Kop van een baardagaam van dichtbij, met duidelijk zichtbare schubben en stekels
SOORTENGIDS REPTIELEN

Baardagame

Baardagamen hebben veel ruimte, geschikte verlichting, plantaardig voer en passende voederinsecten nodig. Zo plan je hun terrarium, voeding en dagelijkse verzorging.

Lees de gids
Opgerolde Californische koningsslang met zwarte en witte banden
Soortportret

Californische koningsslang

Lees welke EU-regels gelden voor de aanschaf en hoe je een rechtmatig gehouden Californische koningsslang verzorgt, van terrarium en warmte tot voeding en vervelling.

Lees de gids
Keizerboa om een boomstam en een tak in Costa Rica
Soortportret

Keizerboa

Wat een volwassen Boa imperator nodig heeft: een groot terrarium met klimruimte, gecontroleerde warmte en luchtvochtigheid, geschikte prooidieren en veilige verzorging.

Lees de gids